Duurzaam beleggen is de toekomst: 5 fabels om te vergeten

Duurzaam beleggen wint aan populariteit. Maar het zal me niets verbazen als je het iets vindt voor de geitenwollensokken-belegger. Echt aanspreken zoals zelf handelen in Tesla, Gamestop of Nio doet het namelijk niet. En zo snel en interessant als de cryptobusiness is het ook niet. Maar er is wel degelijk een grote kans dat duurzaam beleggen de toekomst is.

Thomas van der Lee, beleggingsexpert bij Semmie, schrijft voor Manners Magazine over opvallende zaken op en rondom de beurs. Deze week zoomt hij in op de fabels rond de verduurzaming van de financiële markt.

Fabels over duurzaam beleggen

Met de opwarming van de aarde, en de directe negatieve gevolgen daarvan, komt de tijd dat er verandering moet komen steeds dichterbij. Als consument passen we ons gedrag aan (we gaan aan de vleesvervangers en kopen meer tweedehandskleding), maar ook bedrijven zetten een stap in de goede richting. Ze worden steeds duurzamer om zo hun steentje bij te dragen aan een mooie toekomst. Door de focus op duurzaam beleggen te richten zou je hiervan kunnen profiteren, maar er gaan veel verhalen over duurzaam beleggen en het nut ervan de ronde. Sommige zijn waar, maar er zitten ook een veel mythes tussen. Tijd om die 5 grootste fabels over duurzaam beleggen te ontkrachten.

1. ‘Groen beleggen kost rendement’

Dit is de meest voorkomende misvatting over duurzaam beleggen: dat het rendement kost. Dit is niet waar. En sterker nog, verschillende studies wijzen uit dat bedrijven die duurzamer worden, het gemiddeld financieel beter doen dan hun branchegenoten. Dit is ook het geval bij duurzame beleggingsfondsen. Als die beleggingsfondsen bedrijven die niet-duurzaam ondernemen uitsluiten, halen ze een hoger rendement.

2. ‘Het is een trend’

Duurzaam beleggen wordt vaak gezien als trend. Een manier van beleggen die pas de laatste jaren in opmars is gekomen vanwege de toenemende interesse in dit onderwerp. Maar duurzaam beleggen is meer dan een tijdelijke hype. De vroegste oorsprong van duurzaam beleggen gaat namelijk terug tot in de eerste boeken van de bijbel, ruim 3.500 jaar geleden. De criteria die wij momenteel gebruiken hoe duurzaam een belegging is, is wel iets anders dan toen, maar het uitgangspunt is zeker hetzelfde.

3. ‘Duurzaam beleggen richt zich alleen op het milieu’

Om te oordelen of een bedrijf duurzaam onderneemt wordt er gebruik gemaakt van ESG-criteria. ESG staat voor Environmental, Social en Governance. Environment gaat over milieu, vervuiling en het gebruik van grondstoffen. Social betreft maatschappelijke keuzes, en gaat over hoe het bedrijf omgaat met mensen. Governance staat voor behoorlijk bestuur.

Het idee is dat duurzaam beleggen zich vooral richt op het milieu, en dus op de E in ESG. Maar dit criteria is niet belangrijker dan de andere 2. De meeste duurzame beleggingen richten zich op milieu-gerelateerde onderwerpen. Maar het belang van maatschappelijke kwesties en goed ondernemingsbestuur neemt toe. Dit komt mede vanwege druk uit de maatschappij. Want er wordt verwacht dat een onderneming goed omgaat met haar medewerkers en klanten. En dat een onderneming zijn verantwoordelijkheden richting de samenleving neemt.

4. ‘Het verandert de wereld niet’

De pessimist zal zeggen dat het glas halfleeg is, de optimist zal zeggen dat het glas halfvol is. De realiteit is dat in het huidige beursklimaat de aandacht voor duurzaam beleggen onder particuliere beleggers alleen maar toeneemt. En op deze manier wordt er extra druk op bedrijven gelegd om de transitie naar duurzaam te maken. Want momenteel komt ongeveer 75% van alle duurzame beleggingen nog op het conto van institutionele beleggers. Met de groeiende vraag van particuliere beleggers zal dit percentage hierboven alleen maar afnemen. Zeker nu duurzaam beleggen op weg is om de ‘norm’ te worden.

Bedrijven die het dan niet zo nou nemen met bijvoorbeeld mensenrechten of het milieu krijgen dan het deksel op de neus. Zeker als ze het in hun eigen portemonnee gaan voelen. De vraag naar het aandeel zal afnemen en dit gaan ze terugzien in hun beurskoers: deze daalt. Er is geen bedrijf dat zit te wachten op een dalende beurskoers, daarom is bedrijven er in de toekomst ook veel aan gelegen om de switch naar duurzaam te maken: voor hun winstgevendheid, hun imago, en daarom ook hun beurskoers.

5. ‘Duurzaam beleggen is enkel het uitsluiten van foute bedrijven’

Bij duurzaam beleggen is uitsluiting een belangrijk thema. Dit is het ‘uitsluiten’ van controversiële bedrijven. Je moet hierbij denken aan bedrijven die direct in verband kunnen worden gebracht met zaken die niet passen bij duurzaamheid voor milieu, mens en in behoorlijk bestuur. Bijvoorbeeld bedrijven die zich bezighouden met tabak, gokken, pornografie, kernenergie, wapenhandel. Duurzame beleggingsfondsen selecteren hun beleggingen vaak op deze manier.

Maar dit is niet het enige waarop duurzame beleggingsfondsen hun beleggingen op selecteren. Ze kunnen ook gebruik maken van een zogenaamde ‘best-in-class’ benadering. Dit betekent niet dat er bedrijven worden uitgesloten, maar dat er bedrijven worden geselecteerd die het beste scoren volgens de ESG-criteria. Bedrijven die uiteindelijk beter scoren op de ESG-criteria dan hun concurrenten worden ook gekwalificeerd als duurzame beleggingen.

Semmie

Semmie is er voor iedereen die serieus aan de slag wil met zijn financiële toekomst. Eerder stoppen met werken, een wereldreis of je droomhuis. Waar je ook voor belegt, de groei van je vermogen hoeft niet ten koste van alles te gaan. Bij Semmie beleg je daarom alleen in duurzame aandelen- en obligatiefondsen met een bewezen track record.

Zelfs een aap kan beleggen: beursgorilla Jacko verslaat de markt

Reageer op artikel:
Duurzaam beleggen is de toekomst: 5 fabels om te vergeten
Sluiten