Ozempic-killer ‘doodt’ buikvet: zit Hollywood straks aan CBL-514?
Ozempic groeide de afgelopen jaren uit tot een ongezond Hollywood-fenomeen. Een diabetesmedicijn werd ineens hét symbool van snel afvallen, met een hype waarin gezondheid, uiterlijk en dunner worden nogal eens door elkaar liepen. Nu dient zich een experimentele prik aan die buikvet op een compleet andere manier probeert aan te pakken.
Het middel heet CBL-514 en richt zich niet primair op eetlust, wat trouwens gewoon met deze natuurlijke manier van trainen kan. In plaats daarvan laat het middel vetcellen gecontroleerd afsterven. Nieuwe onderzoeksresultaten, gepresenteerd tijdens het jaarlijkse congres van de European Association for the Study of Diabetes (EASD), wijzen erop dat daarmee zowel onderhuids als dieper gelegen buikvet kan worden verminderd.
Is CBL-514 de nieuwe gekte in Hollywood
Geen Ozempic: deze prik richt zich rechtstreeks op vetcellen
Middelen uit de GLP-1-familie, waartoe Ozempic behoort, werken onder meer doordat ze de eetlust en voedselinname beïnvloeden. Die zijn bedoeld voor diabetespatiënten. Maar als je dit soort middelen zonder medische redenen inneemt, kan dat leiden tot ernstige gezondheidsrisico’s. Vooralsnog vindt Hollywood het verwrongen perfecte plaatje belangrijker, maar een alternatief dient zich aan.
CBL-514 kiest een andere route dan Ozempic. Het experimentele middel zet vetcellen aan tot apoptose, oftewel gecontroleerde celdood. Volgens de ontwikkelaar gebeurt dat selectief in vetcellen, terwijl omliggende cellen zoveel mogelijk ongemoeid blijven. Daarmee lijkt het concept eerder op een medicinale vorm van plaatselijke vetreductie dan op een klassieke afslankprik die het hongergevoel onderdrukt.
Tot 150 milliliter buikvet minder
De sterkste gepubliceerde resultaten komen vooralsnog uit fase 2-onderzoek naar onderhuids buikvet. In een gerandomiseerde placebogecontroleerde studie kreeg een groep volwassenen maximaal vier behandelingen met CBL-514. Acht weken na de laatste behandeling had 69,6 procent van de behandelde deelnemers minstens 150 milliliter onderhuids buikvet verloren. In de placebogroep gold dat voor niemand.
| Uitkomst | CBL-514 |
|---|---|
| Minstens 150 ml onderhuids buikvet minder | 69,6% |
| Minstens 200 ml onderhuids buikvet minder | 60,9% |
| Behandelingen | maximaal 4 |
| Meest voorkomende bijwerkingen | lokale pijn, zwelling en roodheid |
Nog eens 60,9 procent van de behandelde deelnemers verloor minstens 200 milliliter. Bij deelnemers die voldoende onderzoeksbezoeken voltooiden, liet MRI bovendien een duidelijke afname van het volume onderhuids buikvet zien.
Ook het vet rond je organen neemt af
Op het EASD-congres kwamen daarnaast nieuwe gegevens naar buiten over visceraal vet. Dat is het vet dat dieper in de buik rond de organen ligt en vanuit gezondheidsoogpunt relevanter is dan een zichtbaar randje onderhuids vet. Voor deze analyse waren MRI-gegevens beschikbaar van een kleine subgroep uit twee eerdere fase 2-onderzoeken. Van 40 deelnemers waren bruikbare gegevens beschikbaar bij de latere follow-up: 23 kregen CBL-514 en 17 placebo.
Vier weken na de laatste behandeling was het gemiddelde volume visceraal vet in de CBL-514-groep 12,01 procent lager dan bij aanvang. In de placebogroep was het juist met 5,68 procent toegenomen. Bij de latere meting, acht tot twaalf weken na de laatste behandeling, lag het viscerale vet in de behandelde groep nog altijd 10,45 procent onder de uitgangswaarde. Bij placebo was het gemiddeld 11,76 procent toegenomen.
Nog geen nieuwe wonderprik
Dat klinkt spectaculair, maar CBL-514 is nog lang geen opvolger die morgen naast Ozempic in de apotheek ligt. De nieuwste resultaten over visceraal vet zijn afkomstig uit congresdata van een kleine groep en zijn nog geen afzonderlijke grote fase 3-publicatie. Onafhankelijke experts waarschuwen bovendien dat grotere en langdurigere onderzoeken nodig zijn om te bepalen hoeveel gezondheidswinst het middel daadwerkelijk oplevert.
Ook de claim dat CBL-514 gewichtstoename na stoppen met GLP-1-medicatie kan beperken, is vooralsnog vooral gebaseerd op dieronderzoek. In ratten leidde een combinatie met tirzepatide tot meer gewichtsverlies en minder gewichtstoename nadat tirzepatide werd gestopt. Of dat bij mensen hetzelfde werkt, moet nog worden onderzocht.
Fase 3 inmiddels begonnen
CBL-514 is inmiddels wel een stap verder dan een laboratoriumidee. Er loopt een internationaal fase 3-onderzoek naar de werking en veiligheid bij plaatselijke vermindering van buikvet. Daarmee komt er mogelijk een heel ander type ‘afslankprik’ aan dan de middelen die Hollywood de afgelopen jaren in hun greep hielden. Niet eentje die vooral voorkomt dat je eet, maar een middel dat vetcellen zelf probeert uit te schakelen.
Of dat uiteindelijk ook veilig, duurzaam en medisch zinvol genoeg blijkt voor brede toepassing, moet de komende onderzoeksfase uitwijzen. Lees hier de officiële publicatie van het onderzoek.
:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.manners.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2022%2F11%2Falrik-foto-hoofdredacteur-manners.jpg)