Dit kost de EU per Nederlander, in maar één land betalen ze meer
Er wordt in Brussel momenteel hard gewerkt aan een nieuwe EU-begroting. Hierin wordt onder meer bepaald hoeveel iedere lidstaat betaalt en ontvangt. Het zal je waarschijnlijk niet verbazen dat Nederland onder de streep meer euro’s inlegt dan terugkrijgt, maar hoe groot is dat gat? En hoeveel is dat per Nederlander?
Een nieuwe EU-begroting heeft nogal wat voeten in de aarde. Dit is namelijk hét moment om te bepalen waar in de komende zeven jaar het geld naartoe gaat, maar ook wie dit allemaal gaat betalen. Momenteel wordt er stevig onderhandeld over hoe dit plaatje er tussen 2028 en 2034 uit gaat zien. Hoe de rekening voor die periode precies wordt verdeeld, staat dus nog niet vast. We kunnen echter wel kijken hoe die verdeling er nu uitziet.
Zoveel betaalt Nederland aan de EU en dit krijgen we terug
Om dat te doen, pakken we de meest recente volledige jaarcijfers erbij: die van 2025. Hieruit blijkt dat de lidstaten gezamenlijk zo’n 132,4 miljard euro aan nationale bijdragen in de EU pompen, exclusief douanerechten. Ongeveer 6,73 miljard daarvan komt uit onze schatkist. Daarmee zijn we de op vijf na grootste geldschieter. Dat zegt echter weinig, omdat landen ook weer geld ontvangen van de EU. Je kunt daarom beter kijken naar wat ieder land netto bijdraagt of ontvangt.
Als je dat doet, maakt Nederland meteen een flinke sprong op de ranglijst. Wij krijgen ongeveer 4,2 miljard euro terug, waardoor we onder de streep zo’n 2,5 miljard euro betalen aan de EU. Daarmee is Nederland een van de zes landen die meer inleggen dan terugkrijgen, ook wel de nettobetalers genoemd. En in die categorie behoren we ook nog eens tot de bovenste helft, want alleen Frankrijk en Duitsland maken netto nog meer miljarden over aan de EU.
De netto EU-bijdrage per inwoner: alleen Duitsers betalen meer
Echt close is het overigens niet. Duitsland is met een nettobijdrage van ruim 16 miljard euro de absolute sugardaddy van de EU. Nummer twee Frankrijk zit op ongeveer een kwart van dat bedrag. Dat gat wordt overigens wel iets kleiner wanneer je het aantal inwoners meeneemt in de vergelijking. Nederland schuift dan bovendien opeens op naar plek twee. Wij geven namelijk per inwoner netto 139 euro uit aan de EU. Dat is nog steeds zo’n 60 euro minder dan onze oosterburen, maar dus wel flink meer dan de andere nettobetalers.
| EU-land | Betaalt per inwoner | Ontvangt per inwoner | Saldo per inwoner |
|---|---|---|---|
| 🇩🇪 Duitsland | €347 | €150 | −€197 |
| 🇳🇱 Nederland | €373 | €234 | −€139 |
| 🇩🇰 Denemarken | €465 | €381 | −€84 |
| 🇮🇪 Ierland | €545 | €476 | −€69 |
| 🇫🇷 Frankrijk | €333 | €271 | −€63 |
| 🇸🇪 Zweden | €329 | €322 | −€7 |
| 🇫🇮 Finland | €394 | €422 | +€29 |
| 🇮🇹 Italië | €295 | €397 | +€102 |
| 🇦🇹 Oostenrijk | €342 | €445 | +€103 |
| 🇪🇸 Spanje | €272 | €386 | +€114 |
| 🇭🇺 Hongarije | €187 | €395 | +€208 |
| 🇵🇱 Polen | €191 | €427 | +€236 |
| 🇵🇹 Portugal | €228 | €479 | +€251 |
| 🇸🇮 Slovenië | €240 | €547 | +€307 |
| 🇷🇴 Roemenië | €152 | €465 | +€312 |
| 🇨🇿 Tsjechië | €219 | €546 | +€327 |
| 🇸🇰 Slowakije | €182 | €525 | +€343 |
| 🇧🇬 Bulgarije | €139 | €576 | +€437 |
| 🇲🇹 Malta | €294 | €736 | +€442 |
| 🇨🇾 Cyprus | €271 | €727 | +€455 |
| 🇪🇪 Estland | €229 | €731 | +€502 |
| 🇱🇹 Litouwen | €238 | €757 | +€518 |
| 🇭🇷 Kroatië | €195 | €748 | +€552 |
| 🇬🇷 Griekenland | €184 | €899 | +€715 |
| 🇧🇪 België | €391 | €1.131 | +€740 |
| 🇱🇻 Letland | €176 | €956 | +€780 |
| 🇱🇺 Luxemburg | €551 | €4.202 | +€3.651 |
(Bron: Europese Commissie)
Bedragen over 2025, afgerond op hele euro’s. Een negatief saldo betekent meer betaald dan ontvangen; een positief saldo het omgekeerde.
Het geheim achter de hoge EU-inkomsten van Luxemburg en België
Wat verder meteen opvalt, is de positie van Luxemburg. Hoewel het tot de meest welvarende landen van Europa behoort, krijgt het met 4.200 euro per inwoner verreweg het meeste geld van de EU. En voor België geldt hetzelfde, zij het in iets mindere mate. Daar is echter een goede verklaring voor: veel Europese instellingen zijn in deze twee landen gevestigd. Uitgaven aan hun personeel, gebouwen en bedrijfsvoering worden daardoor aan België en Luxemburg toegerekend.
Een groot deel van het EU-geld dat België en Luxemburg ontvangen, is dus bedoeld voor het draaiende houden van Europese instellingen die voor alle lidstaten werken. Zo bestaat ongeveer 53 procent van de Belgische ontvangsten uit Europese administratiekosten. In Luxemburg loopt dat zelfs op tot 68 procent. Omdat Luxemburg ook nog eens relatief weinig inwoners heeft, valt dat bedrag per persoon daar bovendien extra hoog uit.
Uit de EU stappen kost Nederland meer dan €139 per inwoner
Terug naar onze eigen portemonnee, want na Duitsland betaalt Nederland per inwoner dus netto het meest aan de EU. Als je dat oneerlijk vindt, is het misschien goed om eens naar het grotere plaatje te kijken. Voor een klein en exportgedreven land als Nederland is Europese samenwerking namelijk onmisbaar. Een groot deel van onze welvaart verdienen we door zaken te doen over de grens. Dan helpt het enorm als grenzen de handel zo min mogelijk in de weg zitten en onze handelspartners er economisch goed voor staan. Met Europees geld helpen we andere landen om sterker en welvarender te worden. Daarmee investeren we dus eigenlijk in onze eigen klanten en uiteindelijk in onze eigen economie.
Bovendien geeft de EU ons als klein land een flinke stem op het wereldtoneel. Door samen te werken met andere lidstaten hebben we veel meer invloed op internationale afspraken en hoeven we onze belangen niet in ons uppie te verdedigen. Hetzelfde geldt bij uitdagingen die de landsgrenzen overstijgen. Ook dan staan we er niet alleen voor en kunnen we gezamenlijk sterker en efficiënter optreden. Wat dat precies oplevert, laat zich alleen niet zomaar vangen in een tabelletje met bedragen. Dat neemt niet weg dat de voordelen overduidelijk zijn, zeker voor een klein land dat zo afhankelijk is van de wereld om zich heen. Als we daarmee stoppen, gaat het ons waarschijnlijk veel meer kosten dan die 139 euro per Nederlander.
Onze EU-bijdrage past bij onze welvaart
Zeker in deze roerige tijden is het niet verkeerd om bondgenoten te hebben. En ja, daar moeten de welvarende landen wat meer voor over hebben. Ze hebben tenslotte ook veel te verliezen. Als je het zo bekijkt, is het niet zo gek dat Nederland tot de grotere nettobetalers behoort. Ondanks ons bescheiden formaat staan we namelijk hoog op de wereldranglijst van het bbp per inwoner. Hoe hoog precies? Dat lees je in ons overzicht van de 25 rijkste landen in 2026.
:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.manners.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2025%2F06%2FThomas-Aalderink-square.jpg)