Life

Manners Opinie: Onze universiteiten zijn een verouderde bende

In het buitenland lachen ze ons vierkant uit

In Manners Opinie geven Manners’ Mitchell en Leroy wekelijks hun mening op het gebied van (lifestyle) nieuws. Niet omdat we de wijsneuzen willen uithangen, wel om een andere visie te geven op de standaard. Want je weet: van een andere mening kun je leren. Dit keer schrijft Mitchell over de achteruitgang van de Nederlandse universiteitsgebouwen.

Studeren aan een universiteit is voor slechts een klein percentage van de bevolking weggelegd. Het zou zo’n beetje het hoogst haalbare op educatief gebied moeten zijn maar man, man, man, wat is het toch af en toe een armoe op de Nederlandse universiteiten. Een mooi voorbeeld dat je deze week kon lezen in Het Parool: UvA rechtenstudenten kunnen hun colleges lekker gaan volgen in een tent.

Deprimerende teleurstelling

Ik weet nog goed hoe mijn eerste (en enige) jaar op de universiteit uitmondde in een bittere teleurstelling. Dan heb ik het niet over mijn abominabele cijfers veroorzaakt door een chronische desinteresse in studeren, maar over de ‘campus’ waar ik het leeuwendeel van mijn dag (voor een destijds beoogde) vier jaar zou doorbrengen.

Deprimerend grijze bakstenen zo ver je kon kijken, verouderde collegezalen waar docenten en hoogleraren hun colleges stonden te geven met behulp van lichtbakprojectoren omdat er geen beamers waren, verrotte stoeltjes die je een stenen reet gaven en afgekloven, bekraste tafeltjes met aan de onderkant bungelende snotpegels.

Ik herinner mij ook het ding dat door moest gaan voor een restaurant, waar je kon kiezen uit lauwe soep of een even zo lauw, slap kaasbroodje. En waar je plaats mocht nemen op wederom armetierige stoeltjes onder viesgeel licht uitstralende lampen omdat er door de ramen maar bar weinig licht naar binnen kwam.

Schrijnende ondercapaciteit

Ik herinner mij hoe mijn colleges meestal plaatsvonden op de dertiende verdieping. Dat betekende twee dingen: de grote collegezaal was al bezet. Dat was sowieso slecht nieuws, want in mijn eerste jaargang waren er 200 studenten méér dan dat er überhaupt capaciteit was in de ‘grote’ zaal en dus moesten tientallen mensen die iets later binnenkwamen (waaronder meestal ikzelf) noodgedwongen twee uur zitten op een trap.

Maar dat was nog een luxe, want dikwijls moesten wij naar één van de bovenste etages en het college volgen in een kleine zaal waar door de geringe capaciteit vanzelf de ambiance van een vervallen voetbalstadion met statribunes ontstond. Áls je er al kon komen – want niemand had natuurlijk zin om dertien etages met de trap te lopen – en dus stond er 200 man (alleen al van mijn opleiding) te wachten op twee liften die per stuk zo’n 15 man konden vervoeren. Zucht.

Maar nog al te vaak is er paniek omdat ik voor mijn presentatie een Macbook wil aansluiten en het systeem dit niet aan kan, of zie ik studenten als zombies in de rij staan voor een gore kroket die al uren onder een warmhoudlamp taai ligt te worden.

Alles verouderd

Evenzo niet al te warme gevoelens bewaar ik aan de hopeloos verouderde mediatheek waarin het boek dat je nodig had nooit voorhanden was, de muis van de computer waar je aanschoof het balletje bleek te missen en je daardoor niets kon doen, en je direct al in de nek werd gehegen door de volgende student die vocht om een plekje achter een van de veel te weinig computers.

Bovenstaand ‘gewoon’ even wat universiteiten van vergelijkbare statuur als de onze, in het buitenland: Wroclaw (Polen), Moskou (Rusland), Aarhus (Denemarken) en Tuscaloosa (VS)

Ook nu nog vaak achterhaald

Het is een bende op veel Nederlandse hoge scholen en universiteiten. Zeker niet op allemaal. Ik heb de afgelopen jaren meer opleidingsinstellingen van binnen gezien dan in mijn studietijd, om dat ik zo nu en dan hier en daar een gastcollege geef. In sommige instellingen is het dik voor elkaar, is het ruim, licht, schoon, modern en zelfs quasigezellig, maar nog al te vaak is er paniek omdat ik voor mijn presentatie een Macbook wil aansluiten en het systeem dit niet aan kan, of zie ik studenten als zombies in de rij staan voor een gore kroket die al uren onder een warmhoudlamp taai ligt te worden.

En soms is een gebouw gewoon nog niet af

Het toppunt kwam deze week toch wel van de rechtenfaculteit van de UvA. Het nieuwe gebouw is niet klaar, waardoor studenten hun college moeten volgen in een tent. IN. EEN. TENT. We hebben het hier over een instantie die wil behoren tot de topuniversiteiten van Nederland, Europa en de wereld he? We hebben het hier over een plek waar zeer goed betaalde docenten hun kennis overdragen op de nieuwe generatie topadvocaten, criminologen en rechters. Het is te sneu voor woorden.

Hier wordt dus maar een tentje neergezet zodat rechtenstudenten in elk geval kunnen zitten. Het Parool / Henriëtte Hoogervorst

De tent dient als tijdelijke optie. Er is elektriciteit, wifi en een systeem om te koelen of verwarmen. Het is niet bekend tot wanneer de studenten college krijgen in de tent. Het zal geen kwestie van maanden zijn, zegt de omgevingsmanager.‘ Dit valt te lezen op Het Parool. Oh, gelukkig. Er is elektriciteit, dan valt het allemaal wel mee.

Het buitenland lacht ons uit

Is het een wonder dat er maar één universiteit (dus wel de UvA) in de mondiale top vijftig staat (ternauwernood op plek vijtig)? Nee. Niet alleen in Amerika en Engeland, maar ook in Zwitserland, Canada, Australië, Schotland, Singapore, Hong Kong, Japan, Zuid-Korea, Frankrijk, Denemarken, Wales en Duitsland lachen ze ons uit. Misschien niet direct om de kwaliteit van het onderwijs, maar iedereen die wel eens een buitenlandse universiteit van binnen heeft gezien, weet dat wij in heel veel gevallen lichtjaren achterlopen.

11-08-2017 - Mitchell van der Koelen