Redactie
Redactie Life 7 jan 2017

Traditionele TV is bezig aan zijn laatste stuiptrekkingen

Critici en media vielen afgelopen week over de gênante en soms zelfs zorgwekkende beelden van de real life soap van Peter Jan Rens. Eén ding was nog pijnlijker om te zien: de langzaam ontluikende laatste stuiptrekkingen van traditionele tv.

Ooit was hij de held van een hele generatie, het tv-icoon voor eighties kids: Peter Jan Rens, alias Meneer Cactus. Viel die afgelopen week even keihard van zijn voetstuk, voor zover daar nog iets van over was. Stomme ruzies, hersenloze conversaties en opvoedkundig uiterst twijfelachtige technieken wisselden elkaar in vlot tempo af. Dat alles overgoten met een flinke saus: what the fuck? Als in: what the fuck doen deze mensen op tv?

Men kan (terecht) kritiek uiten op Rens omdat hij zich leent voor ‘Doen ze ’t of doen ze ’t niet’; de man grijpt gewoon zijn kans om geld te verdienen. Als een uitgerangeerde voetballer die in de absolute winter van zijn carrière nog even casht in China. Met de voormalig presentator kun je alleen maar medelijden hebben; de echte kritiek dient aan het adres van RTL geuit te worden.

Als je voor die mensen tv wilt maken, prima, maar accepteer dan dat lineaire televisie sneller eindigt dan een optreden van Lil Kleine.

TV-mensen vragen zich al jaren af: waarom worden Youtubers zo groot? Zie hier het antwoord. Het is dit soort volstrekt kwaliteitloze tv dat kijkers massaal doet besluiten hun entertainment elders te zoeken. Dat de kijkcijfers dankzij het uiterst manipulatieve systeem met wat meetboxen her en der in het land nog opgekrikt kunnen worden naar een zogenaamde 341.000 doet niets af aan het feit dat zelfs de bizarste of laagdrempeligste formats keihard falen en traditionele tv niet meer kunnen redden.

Een real life soap is sowieso de paria der tv-programma’s, vlak onder voltrekt inwisselbare talentenshows. Wat men maar niet wil begrijpen, is dat een real life soap alleen waarde heeft wanneer deze draait om mensen die écht boeien. Een real life soap die lijsttrekkers 24/7 volgt in aanloop naar de verkiezingen, of eentje die Max Verstappen volgt in aanloop naar het nieuwe formule 1-seizoen: dát zou tv zijn. Of neem aan voorbeeld aan ‘Buch buiten de Bajes’, één van de zeldzame lichtpuntjes op tv (RTL kan het dus nog wél).

Met meuk als ‘Doen ze ’t of doen ze ’t niet’ trek je dezelfde mensen die de Story kopen en vervolgens onder het genot van een met zes zoetjes doorspekte kop slappe thee gaan bitchen over hoe oud Katja Schuurman wel niet is geworden, of hoe aandachtsgeil Yolanthe is. Als je voor die mensen tv wilt maken, prima, maar accepteer dan dat lineaire televisie sneller eindigt dan een optreden van Lil Kleine.

De pool met kijkers loopt harder leeg dan de Maas na een aangevaren stuw.

Commerciële omroepen hebben nog steeds veel macht. Er gaat nog steeds verschrikkelijk veel geld in om en in potentie is er nog een enorme groep kijkers. Maar de pool met kijkers loopt harder leeg dan de Maas na een aangevaren stuw. Die met adverteerders eveneens, want wie gaat nu nog een bak geld leegstorten rondom dit soort programma’s? Prozac wellicht.

Commerciële omroepen zouden eens heel goed moeten kijken naar partijen als Netflix en het handjevol themazenders en specialistische zenders dat nog wel goede programma’s maakt. Om in tv-termen te blijven: het is twee voor twaalf. ‘Doen ze ’t of doen ze ’t niet’? Het antwoord op deze vraag had een volmondig ‘nee’ moeten zijn.

Reageer op artikel:
Traditionele TV is bezig aan zijn laatste stuiptrekkingen
Sluiten