Life

De meest wrede sporten in de wereld, deel #4: het Afrikaanse Dambe

Bloed, zweet en snoeiharde klappen

Een grote groep mensen troept samen rond “het slagveld”. De trommels braken een continue stroom opzwepende klanken uit en de temperatuur gaat in dit deel van de wereld zelden onder de 25 graden Celsius. De twee vechters zweten zich te pletter maar blijven desondanks naar elkaar grijpen, slaan en trappen. Bloed vermengt zich met zweet en zand. Zweet dat trouwens niet alleen op de hoofden van de twee kemphanen staat, maar ook op de hoofden van de vele supporters die vaak een grote som geld hebben verwed op de afloop van het gevecht.

Meer lezen uit deze serie? Klik hier!

Dit alles gebeurt ver weg van de arena’s in Las Vegas en Londen, van de miljoenen dollars aan prijzengeld en de pay per view-tickets, van de Instagram-pagina’s en de schaarsgeklede ringmeisjes. Hier wordt gevochten met veel minder glitter and glamour maar wel met het, spreekwoordelijke, mes tussen de tanden. Er staat veel op het spel. Welkom in Afrika, welkom bij de traditie van de Dambe.

Hausa bevolking

Dambe is een traditionele gevechtsvorm die voornamelijk beoefend wordt door de Hausabevolking van West-Afrika. Vooral in het Noorden van Nigeria, Niger en Tsjaad is deze traditie nog alive and kicking. De herkomst van deze vechtsport blijkt in de loop der tijden verloren gegaan, maar volgens de Britse historicus Edward Powe komen vele elementen overeen met afbeeldingen of teksten over Egyptische en Griekse boksers uit de klassieke oudheid. De Dambe-traditie was oorspronkelijk voorbehouden voor mannen van de slagersklasse.

Dambe vechtsport

Volgens de traditionele regels waren zij de enigen die dieren mochten slachten en het rauwe vlees versnijden. Op het einde van het oogstseizoen, wanneer de oogst binnen was, trokken groepjes slagers door het land om de vette dieren in de dorpen te slachten. Vaak werd aan deze gebeurtenis een festival gekoppeld waarbij de slagers andere slagers of mensen uit het publiek uitdaagden tot een gevecht. Omdat, na de verkoop van de overschotten van de oogst, de beurzen van de bevolking goed gevuld waren, werd er op deze gevechten zwaar gewed. Dambe werd eveneens gezien als een training voor het oorlogsvoeren. Voor de vechters was het vooral een manier om hun kracht en mannelijkheid te tonen of om de eer van hun familie hoog te houden. De beste Dambe-vechters kregen van hun fans ook vaak een bijnaam die, bij voldoende bekendheid, vaak de originele naam van de vechter op de achtergrond liet verdwijnen.

De veldslag

Omdat Dambe traditioneel ook gezien werd als een soort training op het oorlogsvoeren, komen veel typische oorlogstermen terug in de Dambe. Het gevecht werd uitgevochten door groepen of ‘legers’. Per gevecht kwamen telkens twee soldaten tegenover elkaar te staan in een één tegen één gevecht op het ‘slagveld’. Dat was niet meer dan een open ruimte begrensd door een cirkel van toeschouwers.  De dominante hand  wordt gebruikt voor het slaan en de niet-dominante hand voor het afweren van de slagen. De dominante hand wordt ook wel eens ‘speer’ genoemd en de niet-dominante hand ‘schild’. Dit komt overeen met de houding van een krijger op een echt slagveld. Dambe-boksers mogen overal op het lichaam van de tegenstander inslaan, maar wel enkel met de dominante hand. Dit hand werd voor een gevecht strak ingezwachteld met een stuk stof waarrond een koord met knopen werd gewikkeld. Vroeger stak men dit ingepakte hand ook nog eens in een soort plakkerige substantie en rolde er dan mee in gebroken glas.

Dambe vechtsport

De niet-dominante hand stak men uit met de palm naar de tegenstander en de vingers open. Deze werd gebruikt om slagen af te weren of om de arm van de tegenstander vast te nemen, zodat er een opening kwam in zijn verdediging. Het voorste been werd traditioneel ook omwikkeld met een ijzeren ketting van knie tot enkel. Deze ketting diende om trappen van de tegenstander af te weren, maar kon ook gebruikt worden om aan te vallen. Trappen konden trouwens gegeven worden met beide voeten.

Het doel van Dambe is het uitdelen van die ene fatale slag, de killing blow, waardoor je tegenstander de grond raakt met zijn knie of hand of, beter nog, languit op de grond valt. Dit heet dan ook de ‘killing’ van de tegenstander. Net zoals het doel bij echte oorlogsvoering. Een Dambe-gevecht duurt steeds drie rondes en deelnemers worden aan elkaar gelinkt op basis van hun grootte, gewicht speelt geen rol. Een ronde eindigt wanneer er een hele tijd niets gebeurt, wanneer een touw loskomt of wanneer één van de twee vechters vrijwillig zijn gevechtshouding verbreekt en zich overgeeft.

 

De hedendaagse Dambe-sport

Tot op de dag van vandaag wordt nog steeds stevig gevochten op Dambe-festivals, hoewel het niet langer exclusief op deze festivals georganiseerd wordt. Tegenwoordig mag iedereen trouwens deelnemen en zijn het vooral de jongeren die, na intensief trainen in gyms, het gevecht aangaan. Er vinden nu ook, in tegenstelling met vroeger, door het gehele jaar gevechten plaats. De praktijk met de glasscherven is ondertussen verboden en de traditionele klederdracht werd ingeruild voor jeansbroeken of shorts. Ook de traditionele trommelritmes worden nu vaak ingeruild door opzwepende hits uit aftandse radio’s. Er zijn zelfs heuse Dambe-stadions met tribunes.

Nadat Dambe op de All African Games van 2003 werd toegelaten, heeft de overheid van Nigeria een aantal regels in het leven geroepen om de sport te reguleren. De dominante arm mag nu enkel nog ingewikkeld zijn met stof, het touw met de knopen en het gebruik van glasscherven zijn ten strengste verboden. Ook het aanwenden van ‘medicijnen’ mag nu niet meer.

Ondanks, of dankzij, deze regels is Dambe aan een heuse renaissance bezig. Het feit dat heel wat Nigerianen emigreren en in hun nieuwe thuisland deze sport introduceren is hier eveneens debet aan. Wie weet … misschien zien we deze sport over een paar jaar op de Olympische Spelen verschijnen?

Check de onderstaande video voor een inkijk in het leven van de Dambe-vechter.

Dit artikel is geschreven door gastredacteur Niels Grootaert.

14-11-2017 - Leroy van den Berg